Laminaat plaatsen

Laminaat plaatsen.

Een laminaat vloer kan worden geïnstalleerd op de meeste bestaande vloeren, bv. houten vloeren, PVC-vloeren, betonnen vloeren. Zacht en hoogpolig kamerbreed tapijt dient te worden verwijderd. Zorg ervoor dat de ondergrond waterpas ligt en droog en vlak is (< 4 mm per 2 m). De dragende vloer dient grondig te worden gedroogd.

  • Hout en materialen op basis van hout mogen een relatief vochtigheidsgehalte hebben van maximaal 50%;
  • Betonnen en licht betonnen vloeren mogen een relatief vochtigheidsgehalte hebben van maximaal 85% (max. 2,0% CM);

topvloeren laminaat leggenVoor alle soorten betonnen vloeren, licht betonnen vloeren of keramische vloeren is het nodig een vochtwerende laag aan te brengen. Hiervoor dient u een vochtfolie te gebruiken van tenminste 0,2 mm  dik. U dient deze folie te plaatsen met overlappingen van tenminste 8 cm, met tape vastgemaakt en met de randen naar boven geplooid tegen de muur. Zodra de vloer geplaatst is, dient u de randen van deze folie met een scherp mes netjes af te snijden. U heeft tevens een onderlaag nodig van tenminste 1 tot 3 mm dik. Een economischere oplossing is het gebruik van een 2-in-1-ondervloer zoals spemi rood, waarbij het vochtscherm en de geluidsreductielaag in één ondervloer zijn verwerkt.

Bewaar de panelen gedurende tenminste 48 uur bij kamertemperatuur in de ongeopende verpakking vóór u met de plaatsing begint. De kamertemperatuur moet Tenminste 18°C bedragen vóór en tijdens de plaatsing. Voor vloeroppervlakken van meer dan 100 m² en/of lengten van meer dan 10 m, evenals voor overlappingen naar andere kamers en vloeroppervlakken die niet symmetrisch op elkaar aansluiten, dient u expansievoegen te gebruiken om de verschillende delen van de vloer van elkaar te scheiden.

Reageren is niet mogelijk